Menu:
deel deze site op:

Solidariteitsprojecten van, voor en met blinden en slechtzienden:
diensten op maat voor mensen met een visuele handicap

Nieuws en events

Zoeken

Blijf op de hoogte

Toegang voor medewerkers

Geef aub uw login en wachtwoord op:

Toegang voor bestuurders

Speciale pagina's voor bestuurders.

deel dit artikel op:

Interview met ANDRE LENAERTS

Als u op een foto klikt, wordt ze groter.

Licht en Liefde ondersteunde hem toen hij blind werd. Hij paste zich aan, vond zijn weg in het leven en ontdekte een nieuwe passie: wijnproeven. Als gediplomeerd ‘maître sommelier’ werd hij meermaals bekroond voor zijn degustatietalent. Zeventien jaar lang gaf hij ook een wijncursus aan blinde ervaringsgenoten. André Lenaerts is een fenomeen.

Hoe trotseerde hij de tegenslagen in zijn leven? Beschikt hij over speciale zintuigen en waar haalde hij zijn enorme kennis over wijn?

We gingen het hem vragen in Strombeek.

André: “In 1968, toen ik 24 was, vond ik in Strombeek-Bever een vaste betrekking als tekenaar bij de technische dienst. Toen zag ik nog perfect. Ik had een diploma van bedrijfsleider en volgde nog een cursus openbare werken. Als eindwerk maakte ik de plannen en het lastenboek voor een wijk die we hier in Strombeek gingen aanleggen. Ik was gelanceerd, of zo leek het toch…

Einde maart 1969 trouwde ik met Agnes. Vijf weken later werd bij mij een netvliesloslating vastgesteld, veroorzaakt door cystevorming achter het netvlies. Tegelijk ontdekten ze dat ik retinitis pigmentosa had. Mijn vrouw vernam dat ik blind zou worden. Zelf wist ik dat toen nog niet. Ze hebben het netvlies laten zakken, de cyste weggenomen, het netvlies teruggeplaatst en de breuk gelast.

Na zeven weken mocht ik naar huis. We woonden intussen in Strombeek en mijn proeftijd bij de gemeente was voorbij. Er kwam een hele discussie van, waarin ik me constructief opstelde. Toen ik in september terug mocht werken, kon ik op de technische dienst blijven. Stagiairs maakten de tekeningen in mijn plaats. Ik behandelde de bouw- en verkavelingsaanvragen en maakte berekeningen.

Tijdens mijn ziekteverlof zat ik in ons appartementje. Ik was niet ziek, had alleen een afgedekt linkeroog. Die zomer ben ik beginnen wandelen. Ik dreef mijn tempo steeds verder op. Zo kwam ik in de sportieve wereld terecht. Ik engageerde me ook bij de basketclub van Strombeek, als administratief vrijwilliger. In 1970 hoorde ik op de radio dat de pompiers van Gentbrugge een marathon organiseerden, in het kader van de Sportbiënnale. Ik nam deel en kwam bij de eersten aan.

Er waren toen al wandelverenigingen in West- en Oost-Vlaanderen. Ik ben er in ‘73 mee begonnen in Strombeek. Onze club was de eerste in Brabant. Ze bestaat nog altijd en haalt enkele keren per jaar tweeduizend wandelaars naar hier. Zelf kan ik intussen fysiek niet meer mee. Ik wandel wel nog alle dagen.

In 1973 hebben we hier gebouwd, in ’74 werd onze zoon geboren. Nog een jaar later moest ik naar het ziekenhuis voor mijn andere oog. Daar zat ook een cyste op. Mijn zicht ging fel achteruit. Ik mocht niet meer rijden. Mijn leven is toen serieus veranderd. De grootste wandeltochten lukten ook niet meer. We hebben ooit Blankenberge-Strombeek ingericht, honderdvijftig kilometer! Via Radio 2 had ik daar een speciale lamp voor gekregen. Maar zoiets werd steeds moeilijker voor mij.

Op de gemeente was ik intussen gedetacheerd naar de nieuwe dienst sociale zaken. Daar werd ik diensthoofd. Na de fusie met Grimbergen had ik een dienst van bij de vijftig mensen. Tot ’91 heb ik daar gewerkt en ik heb er veel kunnen realiseren. In ’75 heb ik, samen met de schepenen van zes gemeentes, de vzw Levedale opgericht. Dat is een gezinsvervangend tehuis voor werkende licht mentaal gehandicapten. Er zijn vijftig bewoners en er werken vijftig mensen uit onze gemeentes. Ik heb 35 jaar in het bestuur gezeten.”

Wanneer kwam de wijn je levensverhaal binnen?

André: “In ’78 wedden een collega en ik met de schepen van Sport dat we te voet naar Saalfelden in Oostenrijk zouden wandelen, duizend kilometer ver. Dat is ons gelukt, in drie weken. We trokken heel Duitsland door en kwamen ook door de wijnstreken. Te voet heb je tijd om te ontdekken.

Van thuis uit had ik nooit wijn gedronken. Terug thuis wou ik er meer over weten. Het besef dat ik blind zou worden, was een extra stimulans.

In ’79 begon ik als slechtziende aan een cursus wijnproeven. Twee jaar later haalde ik mijn diploma van sommelier, als eerste van de klas. Een sommelier zet wijnen op de kaart voor restaurants en beheert ook de kelders. In ’82 werd ik maître sommelier, als tweede na Herman Dedapper, die een sterrenrestaurant heeft gehad in Anderlecht.

Nog in ’82 zijn we van Strombeek naar Bordeaux gewandeld, via Champagne, Sancerre en Saint-Émilion. Ik werd ereburger in Saint-Émilion en erewijnboer in de Médoc. Het jaar nadien nam ik deel aan de Prijs Prosper Montagné in Knokke, waar ik vierde werd. Intussen was ik zwaar slechtziend. Het menu waar we wijnen bij moesten plaatsen, kon ik al bijna niet meer lezen.

Op het werk was mijn handicap nog geen probleem, want ik had een beeldschermloep en aangepaste verlichting. In mijn wijnleven was het heel moeilijk. Desondanks zijn mijn vrouw en ik in ’84 als bijberoep in de wijn gegaan.

In ’84 ben ik met mijn collega naar Bourgogne gestapt en in ’86 hebben we de Tour de France du Vin gedaan: alle wijnstreken, met start hier in de Singel. Ik was de organisator, want dat ligt mij. We bleven met ons tweeën gaan: dan kun je naast elkaar lopen. Met drie is dat te gevaarlijk. Een mobilhome volgde ons. In elke wijnstreek hadden we een afspraak met een wijnboer. Het bleef bij proeven, want we konden het ons niet permitteren om veel te drinken, met het oog op ’s anderendaags.

Zo hebben we veel geleerd. Journalisten schrijven van alles, maar zijn nooit te voet door een wijnstreek getrokken. Wij leerden de mensen en de druiven kennen, we maakten feesten mee en zelfs de begrafenis van een wijnboer met wie we afgesproken hadden.”

Wanneer kwam je in contact met Licht en Liefde?

André: “In ’91 kregen we een nieuwe, jonge burgemeester. Toen was de tijd van de computers begonnen. Iedereen kreeg er een op zijn bureau. Maar voor blinden en slechtzienden bestonden er nog geen aanpassingen of lessen. Ik ben in dat jaar gestopt met werken, het ging gewoon niet meer. Ik was 46 jaar. Mijn vrouw werkte in het sportcentrum. Vanaf die zomer was ik dus alleen thuis.

Het jaar nadien werd mijn linkeroog weggenomen. Nog een paar jaar later was ik volledig blind. Dat was een dieptepunt in mijn leven. Het duurde tot ik Licht en Liefde leerde kennen. Ze hielpen me op allerlei gebied. Ik leerde ook VeBeS, de vereniging, beter kennen.

Ik wou iets terugdoen voor Licht en Liefde. Toen heb ik het idee gelanceerd om voor VeBeS gratis een wijncursus te geven. Ik kreeg groen licht om het te proberen.

We zijn gestart op 1 april 1998. Ik lanceerde de cursus via Radio 2. Zo bereik je immers blinde en slechtziende mensen in heel Vlaanderen, ook mensen die nog niet bij VeBeS zijn aangesloten. Ik wou zestien deelnemers. Op een week tijd zat mijn cursus vol. Er waren mensen bij uit Izegem, Brecht, Diest, Leuven…

Als blinde had ik ondervonden hoe lastig het is om op restaurant altijd afhankelijk te zijn. Door te proeven, leerden de cursisten het verschil tussen de druivenrassen. Ze ontdekten de invloed van klimaat en bodem. Ze kregen ook inzicht in de rol van de wijnmakers en de oenologie (dat zijn de biochemische aspecten van de wijnbereiding).

Elke les kwam één wijnstreek aan bod. We proefden zoveel mogelijk soorten druiven. Blind proeven was natuurlijk niet moeilijk voor de meesten van ons… Stap voor stap gingen we verder, van goedkopere wijnen naar wat duurdere. We hadden ook een geurbank: 54 flesjes met extracten volgens het alfabet, te beginnen met abrikoos en acacia en zo verder. Daar leer je veel uit.

Laat je aan tafel nooit iets wijsmaken. Tegenwoordig worden in maaltijden bijvoorbeeld veel Aziatische kruiden gebruikt. Wat je nog nooit geroken of geproefd hebt, kun je niet herkennen. Als je nooit à volonté kersen hebt gegeten, weet je niet hoe kersen ruiken en smaken. Ik bewaar nog een geur van de kleuterklas in mij: boterhammen met confituur. We kregen toen niets anders mee naar school. Dat vergeet je niet meer. Ik kan die geur zo oproepen en herken hem direct.

Op de duur gingen we dieper in op wijnstreken. Veel cursisten zijn de volle zeventien jaar gebleven! We kwamen zes keer per jaar bijeen en de zevende keer gingen we eten. We zijn ook twee keer op reis geweest.

Intussen ben ik zeventig geworden. Na een hartstilstand kreeg ik een pacemaker. Maar dat is niet de reden waarom de cursus geëindigd is. We zijn nu tweeënhalf jaar gestopt met de zaak, zodat ik niet alles meer bij de hand heb. Sommige cursisten konden hier door hun leeftijd niet goed meer geraken. We waren ook een beetje rond met de wijnstreken, al kun je daar steeds dieper in gaan. We hadden de nieuwe wereld nog kunnen verkennen, maar dat was voor mij niet zo eenvoudig.

De laatste les waren we nog met zeven. Toen heb ik beslist om te stoppen – ook al waren ze er op het etentje natuurlijk weer allemaal.

Ik ben heel blij dat de cursisten er zoveel aan hebben gehad. Neem bijvoorbeeld Rooske: zij is nu een van de belangrijkste personen in haar familie. Moet er wijn gekozen worden voor een feestje, dan komen ze bij haar. Een blinde persoon die kan meepraten over wijn, durft terug aan tafel gaan en voelt zich daar weer belangrijk. Je hebt terug zelfvertrouwen. Een maaltijd loopt dan vanzelf veel vlotter. Begeleiders, zeker familie, zijn altijd geneigd om te willen helpen. De blinde persoon wil dat niet.”

Waar haal je je informatie over wijn?

André: “Daarvoor moet je ter plaatse gaan. Vorig jaar heb ik bijna heel de ronde van onze wijnboeren nog eens gedaan. Ook dit jaar ben ik drie keer in Frankrijk geweest. Mijn zoon Bart, die nu veertig is, en mijn twaalfjarige kleindochter Luna gaan vaak mee. Zij weten ook al veel. Als er slakken op de wijnstokken zitten, ziet Luna dat direct.

Je moet nooit iets van buiten leren over wijn. Boeken zijn voorbijgestreefd nog voor je ze uit hebt. Je kunt wel voor elke streek selecties maken uit wijngidsen en brochures. Daarna ga je ter plekke, leer je de mensen kennen en neem je stalen mee, om thuis te proeven. Thuis kun je de wijnen ook vergelijken met andere. Op een kasteel zit je vast en word je beïnvloed door wat je ziet.

In boeken leer je natuurlijk veel over de geschiedenis van wijn. Maar de evolutie gaat steeds sneller. Er komen nu ook moderne technieken bij te pas. In België zijn bijvoorbeeld gisten te koop die geïnfiltreerd zijn met smaken van aardbeien, frambozen… Zo kun je accenten leggen en wijn verbeteren. In de grote Europese wijnlanden is dat verboden. Frankrijk heeft de strengste regels ter wereld. Daar mag een boer zijn wijnstokken bijvoorbeeld zelfs geen extra water geven."

Waarom is Frankrijk hét wijnland bij uitstek?

André: “Dat heeft te maken met de 45ste breedtegraad. Die passeert in Bordeaux en verder in Tain l’Hermitage, waar de grootste Rhônewijnen worden gemaakt. In Spanje en Italië worden de beste wijnen gemaakt in het noorden, ook zo kort mogelijk bij de 45ste breedtegraad. In Amerika vind je de 45ste breedtegraad aan de bovenkant: Californië en zelfs het noorden van Washington hebben wijnen. In de zuidelijke helft van onze wereld zijn de 37ste en 38ste breedtegraad belangrijk. Maar daar is de wijnstreek veel smaller.

Ook hier in België kunnen we wijn produceren. De stijging van de temperatuur heeft het iets makkelijker gemaakt.”

Wordt alle wijn beter met de jaren?

André: “Nee, niet alle wijnen worden gemaakt om te bewaren. Neem de wijn die we nu drinken: een witte Bordeaux van Château Belle-Garde. Fris, frank, een beetje naar stekelbessen smakend. Dit is een droge wijn: je speeksel blijft vloeibaar als je hem drinkt. De speekselvorming tijdens het proeven is heel belangrijk. Hier is je speeksel volledig los, je hebt geen rollend effect. Als je straks koffie of cola drinkt, let er dan eens op hoe snel je speeksel gebonden raakt.

Bij de Franse wijnen is het de bedoeling dat alle suikers worden omgezet in alcohol, door uitgisting van de druiven. Vandaar dat je in Bordeaux dit soort droge wijnen krijgt: aan de wijn mag daar niets toegevoegd worden. In het noorden – Loire, Bourgogne, Elzas – mogen er in bepaalde jaren suikers bij, om het alcoholgehalte te verhogen. Alcohol beschermt ook de wijn, helpt hem iets te verouderen en brengt zuur en zoet in evenwicht bij witte wijn. Evenwichtige wijnen bewaren langer."

Moet je een bepaald talent hebben om wijn te proeven?

André: “Nee, iedereen kan het. Je moet het natuurlijk graag doen en je moet geïnteresseerd zijn.

Blinde mensen ontwikkelen hun zintuigen goed, omdat ze die meer gebruiken dan zienden. Je leert al doende.

Nog een misverstand dat ik uit de wereld wil helpen: je proeft niet met je gehemelte. Daar kun je alleen mee voelen. Je proeft met je tong: daar zitten je smaakpapillen. Als je tandvlees samentrekt van de tanines in jonge Bordeauxwijnen, dan voel je dat, je proeft het niet.”

Vertel nog eens een mooie herinnering…

André: “In maart ’99 mocht ik op de Mondial du Vin, een vakbeurs, les geven aan mijn cursisten op de Heizel. Daar kwamen vier cameraploegen op af, wat nog nooit gebeurd was op de Mondial du Vin. Het ging over de Côtes-du-Rhône en we verkenden alleen het huis Chapoutier. Nadien mochten wij vrij op de beurs rondlopen. Dat is een dag die ik nooit zal vergeten.”

 

Dankjewel, André. Het ga je goed, samen met Agnes en de familie!

(Interview: Jan Dewitte)

Een langere versie van dit interview is verschenen in TIBSZ MAGAZINE, het tijdschrift van VeBeS (nov.-dec. 2015). VeBeS is de ledenvereniging van Licht en Liefde. Wie lid is, ontvangt om de twee maanden een magazine met informatieve artikels, interviews en nieuws van binnen en buiten de vereniging. Er zijn ook extra edities met info over activiteiten. Om de vier maanden wordt Tibsz aangevuld met KNIPOOG, het tijdschrift van het netwerk Licht en Liefde.

Onze Sponsors
BARCO helpt Blindenzort Licht en Liefde Beslist.be solden.be
LICHT EN LIEFDE Oudenburgweg 40, 8490 VARSENARE +32 (0)50 40 60 50 E-MAIL: INFO@LICHTENLIEFDE.BE